Penselen

Gewassen inkt ofwel Sumi-e

in het Japans als sumi-e of suibokuga. Het schilderen in gewassen inkt was een van de belangrijkste kunsten beoefend door de Chinese literati (geletterde ambtenaren) en wordt om deze reden ook wel literati-schilderkunst ( wenrenhua ) genoemd. 

Geschiedenis

De eerste shan shui-landschapsschilderijen uit de Liu Song-periode (420–479) waren reeds uitgevoerd in gewassen inkt. 
De techniek van het schilderen in inkt werd verder ontwikkeld gedurende de Tang-dynastie (618–907). 

De schildertechniek kende haar eerste grote bloeiperiode tijdens de Song-dynastie (960–1279). Het werd een onderdeel van het Chinees examenstelsel en men rekende het tot een van de vier kunsten waar de literati in zich bekwaamden, naast het bespelen van de guqin, de vaardigheid in het bordspel go en kalligrafie. De techniek werd onder andere toegepast voor shan shui-landschappen en bamboeschilderingen.
Met het verbreiden van de Chinese culturele invloedssfeer werd de schildertechniek geïntroduceerd in Japan, Korea, Vietnam en andere Oost-Aziatische landen. 
In de loop der tijd heeft de literati-schilderkunst zich verder verspreid en hebben diverse niet-Aziatische schilders zich de techniek eigengemaakt.

Techniek

Voor het schilderen in gewassen inkt wordt hetzelfde materiaal en gereedschap gebruikt als voor Chinese kalligrafie, namelijk een inktstaaf (Oost-Indische inkt in een vaste vorm), een inktsteen, een waterdruppelaar, een aantal penselen van diverse formaten en washi-papier of zijde. De inktstaaf wordt op het schuurvlak van de inktsteen tot fijn poeder gewreven en met de waterdruppelaar vloeibaar gemaakt. 
De kleurtoon wordt bepaald door twee factoren: de hoeveelheid water in het inktmengsel en de manier waarop een penseelstreek wordt aangebracht. Hierdoor kan de inktlaag variëren van diepzwart tot zilvergrijs. Zolang de inkt nat is, kunnen nieuw aangebrachte lagen de onderliggende lagen beïnvloeden, of 'wassen'. Eenmaal opgedroogd kan een inktstreek niet meer worden aangepast. Dit maakt het schilderen in gewassen inkt een techniek die grote vaardigheid en concentratie vereist. Veel kunstenaars oefenen jarenlang basisstreken om een perfecte penseelstreek en inktvloeiing te verkrijgen. 

Dry brush

Dry Brush een schildertechniek waarbij een penseel dat relatief droog is, maar toch verf vasthoudt, wordt gebruikt om een tekening of schilderij te maken. De belasting wordt uitgeoefend op een droge ondergrond zoals papier of gegrond canvas. 
De resulterende penseelstreken hebben een karakteristieke, krassende en getextureerde look die het gladde uiterlijk mist dat wassingen of gemengde verf gewoonlijk hebben. Deze techniek kan worden gebruikt om een wazig of zacht uiterlijk te bereiken. 
De techniek van drybrush-schilderen kan worden bereikt met zowel media op waterbasis als op oliebasis  Bij media op waterbasis zoals inkt, acrylverf, temperaverf of aquarelverf is het penseel meestal droog of drooggeperst van al het water. De borstel wordt geladen met verf die zeer stroperig of dik is en vervolgens op een droge ondergrond aangebracht. Bij andere media op waterbasis wordt de kwast beladen met verf en vervolgens drooggeperst. 
Bij het gebruik van media op oliebasis, zoals olieverf, worden vergelijkbare technieken gebruikt, hoewel in plaats van water de borstel droog wordt gebruikt of olie of oplosmiddel wordt verwijderd. Omdat olieverf een langere droogtijd heeft dan media op waterbasis, wordt het overborstelen of mengen van drybrush-streken vaak vermeden om het kenmerkende uiterlijk van de drybrush-schildertechniek te behouden.

De techniek wordt vaak gebruikt bij het modelschilderen om highlights op miniaturen aan te brengen. 
Drybrushing op oliebasis kan ook met stijve borstels op papier, canvas of absorberende gesso worden geschrobd om gladde, 
airbrush- of pastelachtige effecten te geven. Het volgende is dat drybrush soms wordt gemengd met andere schildertechnieken
Voortkomend uit de droge penseeltechniek, ontwikkelde zich in relatief korte tijd een autonome schildertechniek:
Voor het schilderen met de droge kwast wordt een kleine hoeveelheid olie gebruikt. De kleur wordt verdund met een paar druppels lijnolie of oplosmiddelen. Van dit mengsel wordt heel weinig kleur aan het penseel toegevoegd. In de volgende stap wordt het penseel met de kleur erop heel goed uitgespreid over een kleurenpalet en wordt de olie afgescheiden. De borstel moet aan het einde van deze stap droog zijn.
Lijnolie zal, wanneer gebruikt met olieverf voor droog borstelen, geel worden als het te warm wordt, bijvoorbeeld als het in een auto in de zomerzon wordt achtergelaten. Naaimachineolie en dieselolie werken net zo goed en vergelen niet.
Nu wordt er een heel dun laagje kleur op een aquarelpapier aangebracht. Door op dit punt opnieuw te werken met een gum is het mogelijk om verschillende lichteffecten en details op te nemen.
Afbeeldingen geschilderd met een droge borstel worden gekenmerkt door de specifieke overgangen van licht en schaduw en ragfijne tinten. Een werk in zwart-wit lijkt op een kolen- of fijne potloodtekening.