Pyrografie
Pyrografie is een kunstvorm waarbij hout met hitte wordt bewerkt. Andere namen voor deze kunstvorm zijn houtbranden en brandschilderen. Ook als de techniek op andere materialen wordt toegepast, zoals leer of kunststof, wordt dit wel pyrografie genoemd. De techniek wordt zowel als hobby als professioneel uitgevoerd.
Door middel van pyrografie kan hout donkerder gemaakt worden door meer hitte toe te passen. Hoe meer hitte wordt toegepast, hoe donkerder het hout kleurt. De hittetoevoer kan worden vergroot door het wattage van een voor de techniek gebruikt apparaat te verhogen of door het contact met het materiaal langer te laten duren.
Kerven in boomschors
Boomkerven is het aanbrengen van letters, teksten, tekens, jaartallen of tekeningen in de schors van een boom.
Boomkerven komt overal voor maar de culturele significantie verschilt per plaats. Een bekende variant zijn de zogenaamde arborglyphs, boomkervingen in een populierensoort die door schaapherders van Ierse en Baskische afkomst in landelijke gebieden van de staat Oregon gemaakt zijn, en die tot 200 jaar oud zijn.
Wij kennen het door de naam van jezelf en je geliefde samen met een hart in de boom te kerven.
Tatoeage kunst
Een tatoeage is een permanente versiering van het lichaam, meestal met onder de opperhuid aangebrachte inkt. Ook tatoeage met littekens komt voor. De term tatoeage komt waarschijnlijk van het Tahitiaanse woord tatu of tattau, dat streep, vlek of markering betekent. Hoewel een tatoeage permanent is, kan een tatoeage verwijderd worden.
Henna is geen vorm van tatoeage, het is een rode kleurstof die wordt gebruikt voor het verven van nagels, handen en haar.
Deze vorm van lichaamsversiering komt voor als Mehndi in Arabische, Afrikaanse, Turkse en Indische culturen, maar wordt ook elders toegepast.
Henna werd ook gebruikt als organische verfstof filo d'oro door 15e-eeuwse schilders in Italiƫ.
Een henna tekening is niet permanent.
Gravure
Graveren gaat terug tot in de prehistorie maar als druktechniek vindt het zijn oorsprong in de ateliers van zilver- en goudsmeden in Zuidwest-Duitsland in de 15e eeuw. De gravure is de voorganger van de ets. Ze wordt gemaakt op een metalen plaat, bij voorkeur van koper, maar ook ijzer en messing zijn gebruikt. In de 19e eeuw werd ook staal gebruikt dat eerst ontlaten werd en na het graveren gehard, dit om een hogere oplage mogelijk te maken. Een graveur gebruikt een burijn, een stuk gereedschap dat bestaat uit een houten handvat dat in de holte van de hand past, voorzien van een stalen beitel. Deze beitel is vierkant of ruitvormig in doorsnede en is aan het einde afgeschuind, het z.g. facet. Met de burijn wordt vooruit gestoken. Door de plaat te draaien, worden ronde lijnen gestoken en kan de graveur van zich af blijven steken. De plaat ligt daarbij op een met zand gevuld leren kussen. Vanwege de hardheid van het materiaal (koper of staal) wordt de gravure gekenmerkt door haar enigszins hoekige karakter.
Ook bij het maken van voorstellingen op glas spreekt men van graveren. Glasgraveren wordt door bedrijven tegenwoordig veelal met een laser gedaan, maar ook door middel van diamantfrezen.
Nog veel meer
Uiteraard zijn er nog veel meer mogelijkheden om een afbeelding ergens te plaatsen, kerven etc. Voor nu laat ik het bij bovenstaande methoden.